


Jeroen Zijlstra woont het liefst aan de rand van het wad, of aan de rand van de stad. In Randgeval, het openingsnummer van zowel de cd als het gelijknamige theaterconcert Liefde & Dorpsgevoel, legt Zijlstra meteen zijn beste kaarten op tafel: mooie persoonlijke tekst, knarsende, maar toch vloeiende melodie en veel ruimte voor zijn swingende pianist Pieter Jan Cramer. Zijlstra wordt steeds beter. De muzikale en tekstuele stemmingswisselingen van melancholie naar romantisch realisme maken Liefde & Dorpsgevoel tot een knap werkstuk. Groot en klein komen bij Zijlstra harmonieus samen. Als voormalige zeevisser blijft de hang naar de ruige, weidse zee prominent, maar aan de wal hunkert hij naar het dorp en de kleinschaligheid. Hij beschrijft meesterlijk het jaren zestig-gevoel van de dorpswinkel en Bazooka-kauwgum: 'Van Bazooka's kon je roze bellen blazen. Als het mis ging zat de kauwgum in je haar.' Een van de hoogtepunten is het begrafenislied Stoet, dat enerzijds een droeve dodenmars is, maar door de frivole accordeon ook een on-calvinistische ode aan het leven.
Liefde & Dorpsgevoel gaat in reprise september 2010